In de rubriek Vaste planten
Zo plant je varens op een plek waar ze goed tot hun recht komen
Een varen kan een donkere hoek of plek onder een boom vullen met sierlijk blad, maar niet elke soort past bij elke schaduwtuin. Kijk eerst naar licht, bodemvocht en ruimte; daarna kies je de varen en plant je die op de juiste manier.
Een beschaduwde tuin is niet altijd koel en vochtig: onder bomen kunnen wortels de grond juist droog maken, terwijl een hoek naast een muur lang nat kan blijven. Die verschillen bepalen welke varen aanslaat. Let daarom niet alleen op de hoeveelheid zon, maar ook op de grond en de uiteindelijke grootte van de plant. Zo voorkom je dat je een vochtminnende soort op een droge plek zet of een forse varen in een kleine border plant.
Welke plek past bij een varen?
Bekijk de plek op verschillende momenten van de dag. Een noordkant, lichte schaduw onder een bladverliezende boom en diepe schaduw onder een dichte haag zijn niet hetzelfde. De Royal Horticultural Society benadrukt dat diepe schaduw, zeker in combinatie met droge en arme grond, de plantkeuze beperkt; ook kan een plek onder bomen droog zijn doordat wortels water opnemen. Op de RHS-uitleg over schaduw in de tuin staat hoe licht en type schaduw de groei beïnvloeden.
Voel ook aan de grond. De meeste varens doen het goed in humusrijke grond die vochtig blijft, maar overtollig water kan wel wegzakken. Een zware, langdurig natte plek vraagt dus een andere aanpak dan droge grond onder een boom. In een kleine tuin telt bovendien de ruimte die de varen later inneemt: houd bij het kiezen rekening met zowel de hoogte als de breedte van de volwassen plant.
Welke soorten kun je vergelijken?
Kies een varen op basis van de omstandigheden en het effect dat je zoekt. Voor schaduwrijke, beschutte grond is de wijfjesvaren (Athyrium filix-femina) een voorbeeld van een bladverliezende varen. De RHS beschrijft deze soort als geschikt voor vochtige, goed doorlatende grond in schaduw. Voor een plek die ook in de winter blad houdt, kun je kijken naar wintergroene soorten zoals de tongvaren (Asplenium scolopendrium). De uiteindelijke geschiktheid hangt af van de soort en de omstandigheden in jouw tuin.
Ook de bodem maakt verschil. Volgens Gardeners’ World zijn er varens voor droge of zonnigere plaatsen, soorten voor schaduw en varens die juist geschikt zijn voor natte grond, zoals een vijveroever. Gebruik die voorbeelden als startpunt en controleer de informatie bij de specifieke soort, in plaats van ervan uit te gaan dat elke varen vochtige schaduw nodig heeft.
Varens combineren goed met vaste planten die een ander bladvormig silhouet hebben. De RHS noemt bijvoorbeeld brunnera, epimedium en helleborus als planten met contrasterende bladeren. Bekijk ook welke vaste planten voor schaduw bij jouw plek passen. Verwijder je in het voorjaar oud blad van vaste planten, dan vind je praktische aandachtspunten bij het snoeien van vaste planten. Voor een lage, aaneengesloten beplanting kun je daarnaast kijken naar bodembedekkers op schaduwplekken.
Hoe plant je een varen in de tuin?
- Maak de plek klaar. Haal onkruid weg en maak de grond los zonder bestaande boomwortels onnodig te beschadigen. Meng bij arme grond wat bladaarde door de bovenlaag of gebruik die als mulch.
- Maak het plantgat ruim genoeg. Zet de varen op dezelfde diepte als in de pot. Bedek het hart, de kroon waaruit de bladeren groeien, niet met aarde; dat kan rot in de hand werken.
- Vul aan en geef water. Druk de grond licht aan en geef water zodat de kluit contact maakt met de omringende bodem. Laat overtollig water wegzakken.
- Houd de grond in de gaten. Geef water wanneer de grond rond de jonge plant uitdroogt. Dat is vooral belangrijk op droge plekken onder bomen en tijdens een droge periode.
Gardeners’ World adviseert varens in humusrijke, vochtige maar goed doorlatende grond te zetten en de kroon vrij te houden. De genoemde plantperioden zijn het najaar of voorjaar; vermijd planten midden in een hete zomer of wanneer de grond bevroren is.
Hoe verzorg je varens na het planten?
Controleer tijdens de eerste periode of de grond niet uitdroogt, maar geef niet automatisch water als de bodem al nat is. Een dunne laag bladaarde helpt organisch materiaal aan te vullen en vocht vast te houden. Vermijd een dikke laag over het hart van de plant.
Snoei niet alle varens op dezelfde manier. Bij bladverliezende soorten kun je afgestorven blad opruimen; bij wintergroene varens haal je vooral beschadigde of dode bladeren weg. Gardeners’ World adviseert bladverliezende soorten in de herfst terug te knippen en noemt voor wintergroene soorten het verwijderen van dode of beschadigde bladeren. Controleer bij twijfel de verzorgingsinformatie van jouw soort.
Let ten slotte op wat de plant je laat zien. Slap of verdroogd blad kan erop wijzen dat de grond te droog is; geel of wegrottend blad kan samenhangen met langdurig natte grond of een verkeerd geplante kroon. Controleer eerst het vocht en de afwatering voordat je extra water of voeding geeft. Voor andere geschikte planten en combinaties in een schaduwborder kun je verder kijken bij vaste planten voor schaduw.
Veelgestelde vragen
Kun je varens onder een boom planten?
Dat kan, maar controleer of de grond daar niet te droog is. Boomwortels nemen water op en maken de plek vaak droger dan je op basis van de schaduw verwacht. Kies een varen die past bij die omstandigheden, verbeter de bodem waar nodig met bladaarde en geef na het planten water als de grond uitdroogt.
Zijn alle varens wintergroen?
Nee. Sommige tuinvarens behouden hun blad in de winter, andere verliezen het. Controleer dit bij de soort die je koopt. Bij bladverliezende varens kun je het afgestorven blad opruimen; bij wintergroene soorten verwijder je vooral dode of beschadigde bladeren.
Wanneer kun je varens het beste planten?
Plant bij voorkeur wanneer de grond niet bevroren of kurkdroog is, zodat de varen rustig kan aanslaan. Gardeners’ World noemt voor varens het najaar en het voorjaar als geschikte periodes en raadt planten midden in de winter of zomer af. Houd daarnaast rekening met de bodemvochtigheid en geef een pas geplante varen water als de grond droog wordt.